|
Een gedifferentieerd hulp- en welzijnsaanbod aanbieden naar minderjarigen in een problematische opvoedingssituatie (POS) en minderjarigen die een als misdrijf omschreven feit plegen (MOF). |
|
Het verbeteren van de leefomgeving (PREVENTIE). |
De legitimering van de Bijzondere Jeugdzorg wordt bepaald door haar noodzakelijk karakter (belang van de minderjarige).
De hulpverlening kan slechts starten na een mandaat verkregen van de verwijzende instanties (Comité Bijzondere Jeugdzorg en Jeugdrechtbank).
De tussenkomst is vrijwillig als het kan, gedwongen als het moet.
De begeleiding richt zich naar de opvoeding en ontwikkeling van de jongere maar ook met oog voor andere factoren die dit in de hand werken.
De hulpverlening binnen de BJZ kenmerkt zich door een emancipatorisch, participatief, gedifferentieerd, gezinsgericht en subsidiair aanbod. |